Elke haakvector kan in een binaire vorm genoteerd worden waarin de binaire componenten door de restklassen -1/ en +1/ gecodeerd worden. Dit is gemotiveerd door de unieke string die bij de modulo3 som bekomen wordt.

Voorbeeld: het punt <>⊕a⊕b⊕a•b

<>

a

b

a•b

<>⊕a⊕b⊕a•b

-1/

-1/

-1/

+1/

+1/

-1/

+1/

-1/

-1/

+1/

-1/

-1/

+1/

-1/

+1/

-1/

+1/

+1/

+1/

-1/

Dit punt stellen we binair voor als de restklassenstring (-1/ +1/ +1/ +1/) in de modulo 3 som, of gemakkelijker leesbaar in zijn overeenkomstige signatuurvorm (- + + +). We herkennen de perfecte overeenstemming met het AND-atoom 0111 of <ab>.

Maar daarenboven komt er nog een variant ter beschikking doordat de vectoren een nulcomponent 0/ kunnen hebben. Die nulcomponent ontstaat uit een modulo3 som en is daarom een echte getalnul.

De som van drie maal dezelfde welgevormde haakuitdrukking zal altijd gelijk zijn aan een punt met voor elke component 0/.

Bijvoorbeeld:

(-1/ +1/ +1/ +1/) + (-1/ +1/ +1/ +1/) + (-1/ +1/ +1/ +1/) = (+1/ -1/ -1/ -1/) + (-1/ +1/ +1/ +1/) = (0/ 0/ 0/ 0/)